Hoe Ton Weijmer zijn eigen kuil groef

Op 14 augustus 1966, om tien over half drie ’s middags, blaast scheidsrechter Cees Voermans op zijn fluit. De Eredivisiewedstrijd tussen Elinkwijk en Ajax nadert de rust, als Johan Cruijff, die zojuist verantwoordelijk is geweest voor drie doelpunten, wordt gewisseld voor debutant Ton Weijmer.

De op dat moment negentienjarige Amsterdammer speelt die bewuste zondag in Utrecht officieel zijn eerste en tevens laatste wedstrijd in het eerste van Ajax. Hij ziet ploeggenoot Klaas Nuninga nog twee keer scoren, maar net zoals de jaren die volgen, gaat het na afloop vooral over leeftijdsgenoot Cruijff.

Tekst gaat verder onder afbeelding

,,Weet je wat het mooie is aan mijn debuut bij Ajax? Ik kan me er werkelijk niets meer van herinneren. Ajax was een kille club en ik had een hele slechte band met mijn trainer, Rinus Michels. Een nare man.” In een vergaderkamer van het FC Wageningen-businesshome heeft Ton Weijmer enkele muziek dvd’s meegenomen, die hij afspeelt op een draagbare dvd-speler. Terwijl Barry Hay van de Golden Earring op het kleine beeldschermpje verschijnt, begint Weijmer aan zijn verhaal.

,,Tegelijkertijd met Johan Cruijff tekende ik mijn contract. We verdienden in die tijd hetzelfde, achtduizend gulden per jaar. Samen hebben we daarna ook ons middenstandsdiploma gehaald, want dan kregen we nog eens duizend gulden van Ajax.” Waar Cruijff dat seizoen een basisplaats verovert, moet zijn vier weken jongere teamgenoot het vooral doen met wedstrijden bij de reserves.

“Het was verschrikkelijk hard trainen. Michels bleef zelf binnen en af en toe keek hij door de heg, om te kijken of we braaf waren. Iedereen moest er hetzelfde bijlopen, maar Johan hield zich daar natuurlijk nooit aan. Droeg iedereen zwarte sokken, dan droeg hij witte, droeg iedereen witte sokken, dan droeg hij zwarte. Hij deed het er gewoon om. God, wat heb ik die man veel boetes zien krijgen. Allemaal om Michels te treiteren. Uit Johans ondertoon als hij over Michels sprak, liet hij wel blijken dat die twee een hekel aan elkaar hadden.”

Ton Weijmer groeit als Tonny op in Amsterdam, waar hij in de jeugd van OSV een gevaarlijk duo vormt met Rob Rensenbrink, ofwel Robbie. Ondanks het enorme talent op het voetbalveld, worden daarbuiten enkele zwarte bladzijdes geschreven, die hedendaags sterk naar boven komen. ,,Er zijn dingen gebeurd die ik nooit heb verwerkt en daar heb ik de laatste jaren last van. Op mijn achtste had ik een vriendje waarmee ik kon lezen en schrijven. We hadden de hele dag gespeeld en de volgende ochtend wekte mijn moeder me om te vertellen dat hij was overleden, onder een tractor gekomen. Heftig natuurlijk, maar goed, je moet door. Was ik veertien, overleed plotseling mijn broertje van negen. De doodsoorzaak is nooit bekend geworden, maar ze denken dat hij een infectie heeft opgelopen, omdat hij veel in het water en de modder speelde. Zijn dood was op de verjaardag van mijn vader, wat ook gelijk de laatste verjaardag was die hij ooit heeft gevierd.”

Na elf jaar scheiden de wegen van Robbie en Tonny. Rensenbrink verkast naar DWS en groeit via Club Brugge en Anderlecht uiteindelijk uit tot verdienstelijk aanvaller in het Nederlands Elftal. Weijmer vertrekt een jaar later naar Ajax, dat hem al geruime tijd volgde. ,,Rob en ik hadden elkaar beloofd altijd samen te blijven voetballen, maar bij DWS waren de trainingen heel fysiek. Dus ik zei tegen Robbie: ‘Als ik zwaar wil trainen, dan kan ik ook bij mijn vader gaan werken’. Die was namelijk scheepsmetaalbewerker, een loodzwaar beroep. Later zijn we elkaar nog wel tegengekomen in het militaire elftal.”

,,Ik had een contract voor twee jaar bij Ajax, maar in mijn tweede jaar moest ik in militaire dienst. Johan werd vrijgesproken, want die moest voor zijn moeder zorgen omdat zijn vader was overleden.” Samen met onder andere Barry Hulshoff en Jan van Beveren speelt Weijmer in ’68 het militair wereldkampioenschap voetbal in Bagdad. ,,Daar werd ik door Jan Zwartkruis, een geweldige man, van linksbuiten omgetoverd tot linksachter. Op die positie spelend was ik misschien wel de beste speler van het toernooi en we eindigden uiteindelijk op de derde plaats. Toen Ajax dat hoorde, hebben ze me vlak voor het sluiten van de transfermarkt nog geprobeerd te laten blijven. Ik had mijn woord alleen al aan Wageningen gegeven, dus ik vertrok.”

Ook vanuit het buitenland was die zomer veel interesse, maar door de dienstplicht mocht de Amsterdammer het land niet uit. ,,Bij Ajax verdiende ik enorm veel geld, vier keer zoveel als wat mijn vader verdiende. Maar bij Aberdeen en Ipswich Town lagen contracten voor me klaar waar ik tien keer zoveel kon verdienen. Tachtigduizend pond per jaar, maar het werd Wageningen. die omschakeling qua niveau was groot en daar had ik best moeite mee. Het had een tussenstop voor me moeten zijn.”

Tekst gaat verder onder afbeelding

Het wordt echter een vervroegde eindbestemming, want na twee seizoenen, achtenzeventig wedstrijden en vijf doelpunten, slaat het noodlot toe. ,,Het had heel hard geregend en het bijveld achter de tribune lag onder water. Ik wist dat er een drainagesysteem onder het veld lag, maar om die te laten werken moesten we wat kuiltjes graven. We zijn alleen vergeten de kuiltjes weer dicht te gooien. De eerstvolgende training heb ik me er toen lelijk in verstapt.” Het resultaat: twee verschoven ruggenwervels, anderhalf jaar aan doktersbezoeken en het dringende advies te stoppen met voetbal. ,,Dan ben je drieëntwintig en zit je loopbaan erop.”

De vraag ‘wat als?’ is altijd in het hoofd van de inmiddels zeventigjarige Weijmer blijven rondspoken. Na het beëindigen van zijn voetballoopbaan, stort hij zich daarom op zijn werk. Als verkoper trekt hij door heel Amsterdam, eerst met badlakens en handdoeken, later met wollen dekbedden.

,,Begin jaren negentig heb ik het voetbal pas weer opgepakt. Eerst als scout voor de KNVB in Noord-Holland, later voor S.V.V. Stompentoren en RKEDO uit Avenhorn. Bij die laatste club werd het met wat promoties al met al best een succes.” Twintig jaar later wordt het alleen opnieuw overschaduwd met een tragedie. ,,Ergens in de winter reed ik naar huis, toen ik een auto voor me zo het water in zag rijden. Er was verder niemand op de weg, dus moest ik ze er alleen uit zien te halen. Die auto was onder het ijs geschoven, een onmogelijke opgave. Tevergeefs heb ik met een krik geprobeerd de ruiten door te slaan, maar het duurde veel te lang. Eenmaal thuisgekomen, hoorde ik dat het een speler uit mijn elftal was, die samen met zijn vriendin terugkwam van de bioscoop.”

Tekst gaat verder onder afbeelding

Enkele huwelijken verder, woont Ton Weijmer nu alleen, op een camping in Lienden. Met zijn ex-vrouwen en kinderen heeft hij geen contact meer, er is teveel gebeurd. Ook kampt hij de laatste jaren regelmatig met fysieke ongemakken, die volgens hemzelf te maken hebben met alle stress uit het verleden. ,,Maar op advies van de mensen hier op De Berg, ga ik sinds kort weer naar de dokter en slik ik bepaalde medicijnen. Dat helpt me wel ontzettend. Hier koffie drinken is voor mij trouwens het mooiste wat er is. Het hoogtepunt van de week.” Naast het voetbal is muziek de tweede grote passie en in zijn caravan staan honderden muziek dvd’s. ,,Ik zet ze op en ga achterover in mijn stoel zitten. Urenlang luisteren en nergens aan denken. Niet aan vroeger, niet aan nu. Heerlijk. Het heeft geen zin. Soms voelt het alsof ik nu eindelijk pas alles een plekje kan geven.”

 

Met speciale dank aan Kees van de Graaf en het Gemeentearchief Wageningen voor het beschikbaar stellen van de actiefoto van Ton Weijmer.

2 Comments

  1. Rinus Michels nare man, nou vond ik dat ook in die tijd, Michels is wel groot geworden, door Johan Cruiff, zonder Cruiff was het ook heel middelmatig, Niks van terecht gebracht zonde Cruiff bij FC Koln en Bayer Leverkusen en waarschijnlijk nog een paar clubs.

  2. Ton vroeger was je een kanjer dat ben je nu ook nog ,ik heb bewondering voor jouw verhaal,fijn dat je weer gelukkig ben en fijn dat je weer op het oude fc nest weer terug ben groetjes.

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet gepubliceerd worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met een *

*